Il Grand' Inquisitor

Konstantin Krimmel in Schwarzenberg (2/2)

Gisteren zou Andrè Schuen Die schöne Magelone zingen, maar hij heeft zich ziek gemeld. Gelukkig was Konstantin Krimmel nog in de buurt om het programma over te nemen met de voorziene pianist Daniel Heide.


(foto © Schubertiade)

Je zou het recital een vroege generale repetitie kunnen noemen, want volgend jaar staat Krimmel ook geprogrammeerd om met Wolfram Rieger en Brigitte Fassbaender Brahms' ridderverhaal te zingen. Schuen heeft die Die schöne Magelone een paar jaar geleden al eens in Hohenems gezongen. Hij heeft dat toen als een echte liedcyclus uitgevoerd, zonder verteller, wat de context van de liederen wel minder duidelijk maakt voor wie het verhaal niet kent.

Krimmel moet dat ook gedacht hebben, dus zorgde hij wel voor een verteller, namelijk... zichzelf. Voor de gesproken teksten van Ludwig Tieck werd hij wel versterkt, maar toch, het blijft een hele uitdaging om meer dan anderhalf uur constant aan het woord te zijn én nog voldoende stem over te hebben om het slotduet Treue Liebe dauert lange te zingen. Hij doet dat zelfs zonder opvallend verlies aan stemkwaliteit. We kennen Krimmel uiteraard als een expressieve liedzanger, maar zijn voordrachtskunsten staan op hetzelfde niveau. Hij leest de teksten met de nodige inleving, legt de juiste klemtonen, gebruikt kleur, laat af en toe een pauze vallen voor dramatisch effect, ... Ik heb al Magelone-vertellers gehoord die een stuk minder boeiend waren.

En het vocaal gedeelte was uiteraard ook fantastisch. Traun! Bogen und Pfeil wordt vaak weggezongen als een stevig ruiterlied, maar Krimmel wisselt een breed elan af met lyrische momenten. Sind es Schmerzen krijgt dan weer allerlei kleuren, van een weerkerende hartslag in de vierde strofe, of dramatiek in de laatste. Van de twee liefdesbrieven aan Magelone, Liebe kam aus fernen Landen en So willst du des Armen, is de ene nog passioneler dan de andere. Hij wiegt heerlijk door het slaaplied Ruhe, Süssliebchen, om nadien de wanhoop uit te drukken in So tönet denn, schäumende Wellen. Het lied van Magelone, Wie schnell verschwindet so Licht, geeft hij een melancholische kleur. Hij trippelt heerlijk door Sulima's lied Geliebter, wo zaudert dein irrender Fuss om het tweede bootlied, Wie froh und frisch, vol goede moed en met ridderlijke uitstraling te vertolken.

Een dergelijke Magelone is natuurlijk waanzin, maar desalniettemin liet het publiek hem niet zo snel gaan en kregen we nog een weergaloze Mondnacht als afscheid.

Publicatie: dinsdag 25 augustus 2026 om 08:12
Rubriek: Liedrecital