Il Grand' Inquisitor

Le vin herbé in Flagey

In het kader van het Klara-festival voerde de Munt Le vin herbé van Frank Martin op. Alhoewel het concert al weken zo goed als uitverkocht is, zat Studio 4 van Flagey gisteren toch amper halfvol...


foto © Sander Buyck

Le vin herbé behandelt de legende van Tristan en Isolde, zoals overgeleverd via de roman van Joseph Bédier. Op een aantal punten wijkt het werk af van Wagners opera. Het is ook geen echte opera: Frank Martin noemde het een "profaan oratorium" en dan nog in een eerder kamermuziekbewerking. Het orkest bestaat uit zeven strijkers en een piano, onder de leiding van Hans-Christoph Rademann. Muzikaal beschouw ik het als de ontbrekende schakel tussen Pelléas et Mélisande en Saint-François d'Assise.

Ik heb het werk leren kennen via een redelijk recente CD-opname met het RIAS Kammerchor, dat ook gisteren op het podium van Flagey stond. Het koor is de eigenlijke protagonist en vertelt het grootste deel van het verhaal. De kleinere solistische rollen werden ook uitgevoerd door leden van het koor, zij het met wisselend succes. Ik zou vooral de mooie bariton van Johannes Schendel - ooit nog een finalist van de Elisabethwedstrijd - als "Le roi Marc" en Hildegard Rützel als "Iseult aux blanches mains" willen vermelden.

De drie solistische hoofdrollen waren ook nogal wisselvallig. Sophie Harmsen zong een stevige Branghien. Marcel Reijans kon me weinig overtuigen als Tristan. Hij leek de partituur samen met het publiek te ontdekken, waardoor er van interpretatie weinig in huis kwam. Johanna Winkel zong een mooie Iseut, zolang ze niet te ver afdwaalt van haar lage middenstem. In de hoogte wordt ze schreeuwerig. Het veelvuldig gebruik van haar wit barokvibrato is ook niet mijn smaak. En het feit dat ze voor elk nieuw begin een vinger in haar linkeroor steekt, wordt op den duur lichtjes lachwekkend.

Desalniettemin blijft dit een werk dat het ontdekken waard is... maar liefst met iets betere solisten.

Publicatie: woensdag 11 maart 2015 om 16:57
Rubriek: Oratorium