Il Grand' Inquisitor

Joshua Stewart in de Munt

Met de titel "Man Without a Home", hoorden we gisteren het eerste liedrecital van het jaar in de Munt, met de Amerikaanse tenor Joshua Stewart en pianiste Courtney Bryan.


(foto © Danilo Kusmin)

Het was een onklassiek, of zoals hij het zelf benoemde "forward-thinking", programma waarin de muziek van de afro-amerikaanse cultuur centraal stond. En dus begonnen ze met... Mozart... misschien een voorproefje voor Idomeneo waarin hij volgende maand de titelrol zal zingen. Hij liet meteen een goed zittende, ruime lyrische tenor horen met een licht gebronsde kleur. Hij geeft een boeiende vertolking van het recitatief Misero! O sogno (K.431) met een goede tekstexpressie. De aria "Aura che intorno spiri" werd weggelaten, maar na een korte overgang van Bryan ging het Mozartrecitatief naadloos over in de spiritual Give me Jesus, waarin hij alle aspecten van zijn stem liet horen: van het zachtste pianissimo tot een indrukwekkend fortissimo, en allerlei subtiele versieringen in de herneming.

Verschillende stijlen en genres met elkaar combineren tot een organisch geheel was zowat de rode draad doorheen het recital. Vlak voor de pauze gingen zo op gelijkaardige manier over van Vesti la giubba naar Smile (uit "Modern Times"). Nu, de keuze om Canio te zingen was een blunder. Hij kan luid zingen, maar hij heeft (nog) niet het spinto-gewicht om deze aria overtuigend te vertolken. Zijn fortissimo wordt in dit geval lelijk gebrul. Ik weet niet of hij hiermee al zijn kruit verschoten had, maar Smile werd een croonend quasi-Sprechgesang.

Een paar jaar geleden had ik Stewart al eens gehoord op het liedfestival in Oxford. Toen zong hij onder andere de liedcycli Nightsongs van H. Leslie Adams en Three Dream Portraits van Margaret Allison Bonds. Na de pauze stonden deze liederen ook op het programma (van Nightsongs slechts een selectie van drie liederen). In deze formelere omgeving van een klassiek liedrecital, wordt hij een andere zanger. Hij steekt zijn hoofd in de partituur, en al de vrijheid, fantasie en vocale inventiviteit verdwijnen. Wat overblijft, is een vrij saaie en sfeerloze vertolking, al was het laatste lied I too wel mooi. Met de Four Encore Songs van Florence Price vindt hij zijn eerdere flair terug met bijvoorbeeld een lichtvoetige A Flea and a Fly of "Come, come," said Tom's Father dat hij met de nodige gravitas neerzette.

Courtney Bryan is ook een componiste en haar Spirit wordt een intro tot een virtuoos pianowerk waarover Stewart Summertime zingt, oorspronkelijk het bekende wiegenlied uit Porgy and Bess, maar ondertussen uitgegroeid tot een jazz-standaard. En dat is ook de manier waarop ze het uitvoeren met veel variaties, en zelfs een beapplaudisseerde obligate pianosolo. Love, een korte tekst van Martin Luther King, werd ook weer gevolgd door een piano-improvisatie om te eindigen met What a Wonderful World, bekend geworden door Louis Armstrong... wiens stem we ook al even in Summertime hadden gehoord.

Voor de bisnummers leken ze voor een gemakkelijkheidsoplossing te kiezen door zowel Give me Jesus als Summertime te hernemen. Maar het werden toch totaal andere en nieuwe vertolkingen... best wel indrukwekkend.

Publicatie: zondag 8 februari 2026 om 09:33
Rubriek: Liedrecital